Hoe versterk je regionale samenwerking tussen Werk & Inkomen en de GGZ?

Hoe versterk je regionale samenwerking tussen Werk & Inkomen en de GGZ?  

In 2017 ontvingen 31 arbeidsmarktregio’s een financiële impuls van het ministerie van SZW om de samenwerking tussen Werk & Inkomen en de GGZ te versterken, met als doel de ondersteuning van mensen met een psychische kwetsbaarheid duurzaam te verbeteren. Later volgde een aanvullende impuls van SZW en VWS. ZINZIZ onderzocht, samen met het Verwey-Jonker Instituut in de eerste periode, hoe deze regionale samenwerkingen vormkregen, hoe zij zich ontwikkelden en in hoeverre ze duurzaam konden worden ingebed.  

Korte samenvatting

In 2017–2019 brachten we het opstarten en verloop van de samenwerkingen in kaart. De meeste regio’s kwamen tot structureel overleg, gezamenlijke casuïstiek en intensievere samenwerking in de uitvoering. In 2019–2020 lag de focus op borging en inbedding: continuïteit, financiering, organisatorische inbedding, uitbreiding naar doelgroepen en betrokkenheid van stakeholders. Ondanks de impact van COVID‑19 zagen we dat veel regio’s verder professionaliseerden: meer operationele samenwerking, meer gezamenlijke dienstverlening en een eerste beweging richting structurele verankering. Tegelijk blijven borging en financiering kwetsbare punten.  

Belangrijkste inzichten  

1. Samenwerkingen bereiken een steeds hoger niveau

Alle regio’s zijn inmiddels voorbij het startpunt van incidenteel contact: ze overleggen structureel en in veel regio’s wordt al op operationeel niveau samengewerkt. Verschillende regio’s ontwikkelen zelfs gezamenlijk beleid en monitoren arbeidsresultaten van cliënten structureel.  

2. De impact op cliënten wordt zichtbaar

Regio’s zetten uiteenlopende vormen van ondersteuning in: IPS‑trajecten, Werk als beste Zorg, Meer grip op Werk, (job)coaching, matching en benefits counseling. Anekdotische resultaten laten meer participatie, meer maatwerk en in sommige regio’s zelfs lagere zorgconsumptie en duurzame uitstroom naar werk zien. Tegelijk blijft structurele monitoring in veel regio’s beperkt.

3. Borging is in ontwikkeling, maar nog kwetsbaar

Slechts enkele regio’s hebben borging van samenwerking, financiering en inbedding stevig geregeld. In de meeste regio’s blijft de continuïteit sterk afhankelijk van projectleiders en externe financiering. Commitment op alle niveaus  (uitvoering, management, beleid en bestuur) blijkt een cruciale voorwaarde voor duurzame samenwerking.

4. Uitbreiding vraagt actieve strategie

Het vergroten van de regionale ‘inktvlek’ blijft uitdagend. Regio’s die actief werkgevers, WSP’s, andere GGZ‑instellingen, zorgverzekeraars en cliëntenorganisaties betrekken, boeken zichtbaar meer vooruitgang. Vooral zorgverzekeraars spelen in enkele regio’s een vernieuwende rol.  

5. De doelgroep is breder dan EPA

Veel regio’s ontdekken dat uitbreiding naar cliënten met CMD of zonder diagnose (maar met psychische kwetsbaarheid) essentieel is voor impact én draagvlak. Tegelijk vraagt dit om een breder instrumentarium en duidelijke afspraken over toeleiding.

6. Structurele inbedding vraagt tijd en eigen urgentie

Een externe impuls zet in beweging, maar duurzame verankering ontstaat pas als samenwerking onderdeel wordt van reguliere processen, overlegstructuren en langetermijnstrategie – niet alleen van een tijdelijk project. Regio’s die dit al deden, tonen de hoogste bestendigheid.

Meer weten?  

Wil je meer weten over dit onderzoek? Download dan hieronder de rapportages en tools of neem contact op met femke@zinziz.nl

Download rapport